Iedereen komt ze tegen: slechte ideeën. Op je werk, in een vergadering, bij een politieke bespreking, aan de keukentafel of in een groepsapp. Iemand stelt iets voor en jij denkt: dit gaat niet werken. Of erger nog: dit is schadelijk, onlogisch of gebaseerd op aannames die niet kloppen.
De vraag is dan: wat doe je?
Veel mensen kiezen voor één van twee reacties. Ze zeggen meteen: “Dat is een slecht idee.” Of ze houden hun mond, omdat ze geen zin hebben in gedoe. Beide reacties zijn begrijpelijk, maar meestal niet effectief. Een slecht idee bestrijd je niet door harder te roepen. Je bestrijdt het door beter te denken, beter te luisteren en beter te argumenteren.
Een slecht idee vraagt om goede vragen
De beste manier om een slecht idee te testen, is vaak niet om meteen met je eigen mening te komen. Begin met vragen stellen.
- Wat is precies het probleem dat je wilt oplossen?
- Waar baseer je dit plan op?
- Voor wie werkt dit wel, en voor wie niet?
- Wat zijn de risico’s?
- Wat gebeurt er als je aanname niet klopt?
Goede vragen doen twee dingen tegelijk. Ze geven jou meer informatie én ze dwingen de ander om het idee scherper te maken. Soms blijkt een slecht idee na drie vragen vooral een onduidelijk idee te zijn. Soms valt het juist helemaal uit elkaar.

Wat maakt een argument sterk?
Een argument is meer dan een mening met volume. Een goed argument heeft minstens drie dingen nodig…
- een duidelijke stelling,
- een reden waarom die stelling klopt en…
- bewijs of uitleg die de reden ondersteunt.
“Dit plan is slecht” is dus geen argument.
“Dit plan lost het probleem niet op, omdat het alleen kijkt naar de kosten en niet naar de uitvoering” komt al dichter in de buurt.
Nog sterker wordt het als je voorbeelden, cijfers of ervaringen kunt toevoegen.
Goed argumenteren betekent ook dat je eerlijk blijft. Erken wat wél klopt aan het idee van de ander. Dan wordt jouw kritiek geloofwaardiger.
Debatteren kun je trainen
(bijvoorbeeld bij ons!)
Slechte ideeën verdwijnen niet vanzelf. Ze worden beter besproken door mensen die durven doorvragen, helder kunnen uitleggen en rustig blijven als het spannend wordt.
Dat zijn geen mysterieuze talenten. Het zijn vaardigheden die je kunt oefenen: pitchen, speechen, argumenteren en spreken in het openbaar.
Wil je daar beter in worden? Train jezelf. Sluit je aan bij onze debatclub, volg een beginnerstraining of huur ons in voor een workshop op locatie bij je bedrijf, organisatie of politieke partij. Want wie slechte ideeën goed wil bestrijden, moet eerst leren hoe je goede argumenten maakt.
Slechte ideeën bestrijd je met goede ideeën.


